
Citaat van de week:
“God Zelf is de hoogste en meest volmaakte, eeuwige Oermens uit Zichzelf. Dat wil zeggen, deze Mens is in wezen een vuur, waarvan het gevoel liefde is; een licht, waarvan het gevoel verstand en wijsheid is; en een warmte waarvan het gevoel het leven zelf is in het volste bewustzijn van Zichzelf.” — GJE4 56
—
Waar staan we nu?
In de vorige afleveringen hebben we gezien hoe het Woord in ons werkt als een zaad dat afhankelijk van onze opname kan groeien en vrucht dragen. Het zaad is de juiste kennis, de aarde is het hart, en de vrucht is de daad gedaan in liefde. We hebben geleerd dat het Woord pas levend wordt als we ernaar handelen en dat Hij dan Zelf in je hart Zijn intrek neemt.
Jezus zegt: “Wie de geboden heeft, en dezelve doet, die is het die Mij liefheeft, en Ik zal hem liefhebben, en Mijzelf aan hem openbaren, en tot hem zal Ik komen, en verblijf bij hem maken.”— Joh. 14: 21
Deze aflevering kijken we naar het scheppingsverhaal. Niet als een verhaal over vroeger, maar als een beschrijving van wat zich nu in jou afspeelt als je je hart voor Hem opent. Want de schepping is niet iets uit het verleden. Ze vind nog steeds plaats. In jou.
In den beginne was God – en God is er nog
Het begin is God (parafrase van Johannes 1:1). En God is liefde – geen liefde die komt en gaat zoals zich dat soms bij ons afspeelt, maar liefde die de levenskracht zelf is, een vuur dat eeuwig brandt.
Stel je dat eens voor: geen verre god, geen abstracte kracht, maar een geestelijk vuur. Een machtig vuur van liefde, dat brandt zonder ophouden. Ja dat goddelijke vuur is liefde. En het is geen feilbare liefde die af en toe opflakkert en dan net zo makkelijk weer dooft, zoals onze liefde soms doet. Het is een liefde die de levenskracht Zelf is.
Het citaat van deze week zegt: “God Zelf is de hoogste en meest volmaakte, eeuwige Oermens uit Zichzelf. Dat wil zeggen, deze Mens is in wezen een vuur, waarvan het gevoel liefde is; een licht, waarvan het gevoel verstand en wijsheid is; en een warmte waarvan het gevoel het leven zelf is in het volste bewustzijn van Zichzelf. […] Alles komt oorspronkelijk uit het ene oerbestaan van God voort en blijft zich ontwikkelen tot het gelijk wordt aan het oerwezen van de Oermens” — GJE4 56
God, de meest volmaakte oer-mens, is dus naar Zijn meest wezenlijke innerlijk een vuur, licht en warmte. Het gevoel daarvan is liefde, wijsheid en leven. Het goddelijke vuur zelf voelt als liefde, het daarvan afstralende goddelijke licht voelt als wijsheid en de goddelijke warmte van dat vuur voelt als de energie van leven.
God schiep de mens – en schept nog steeds
God schiep de mens naar Zijn beeld en gelijkenis met daarin een vonk van Zijn eigen levenskracht, het vuur van Zijn liefde en het daarbij behorende licht en de warmte. Die vonk is de menselijke geest, een vonk van Gods liefde-levensvuur. De ziel is het vat van intelligentie waarin die vonk rust (GJE 10:21). Het lichaam is slechts de uiterlijke bekleding.
Jezus zegt: “De ziel is slechts een vat voor het goddelijke leven, maar nog lang niet het leven zelf. Slechts een vonkje in het centrum van de ziel is datgene wat men de geest van God en het eigenlijke leven noemt.” — GJE3 42
Die vonk van de goddelijke liefde-geest is in jou gelegd als een levende werkelijkheid. De vonk kan opgloeien als je Zijn Woord opneemt, het begrijpt als een woord van liefde en navolgt door net als Hij actief te gaan liefhebben. Dan wordt het innerlijk leven, dat Hij is, in jou geschapen.
Gods trouw – de eerste verbinding en de blijvende belofte
Het innerlijk leven wordt dus ingeschapen in wie Hem kent en navolgt. In de eerste tijd van de mensheid kwam de kennis en het besef daarvan via engelen, en later via zieners en profeten. God openbaarde Zich, en telkens wanneer de mens de openbaring van Zijn oneindige liefde aannam en navolgde, werd de vonk van liefde in hem gewekt.
Een citaat zegt: “God heeft Zijn wil reeds vanaf het oerbegin zeer getrouw aan de vrije mensheid geopenbaard. Het eerste mensenpaar en hun belangrijkste nakomelingen stonden in permanente verbinding met God en met de engelen. Ze werden in alle dingen zeer duidelijk onderricht … “ — GJE8 128
Maar de mens keerde zich af. Niet plotseling in één keer, maar druppel voor druppel. Niet voor even een moment, maar aanhoudend. De mens keerde zich naar buiten – naar bezit, macht, eer, zichzelf. En hoe meer hij zich naar buiten keerde, hoe zwakker de vonk binnenin werd.
Een citaat zegt: “De oude wijsheid is in de loop van de tijd afgenomen; voor zoveel immers het menselijk geslacht zich van het goede van de liefde tot de Heer en van het goede van de liefde jegens de naaste heeft verwijderd, voor zoveel heeft het zich ook van de wijsheid verwijderd.” — Hemelse Verborgenheden 6630
Het innerlijk leven doofde. De mens bestond nog wel, maar zonder innerlijke levensgloed. Een bestaan gericht op uiterlijkheden, op leugens en bedrog.
Toch liet God de mens nooit los. Telkens opnieuw openbaarde Hij Zich – aan Adam en Eva, aan Noach, aan Abraham, aan Mozes, aan de profeten. Telkens vergezelt van de belofte: “Er komt een tijd dat Ik Zelf kom” (Jesaja 40).
Die belofte is vervuld. Hij is gekomen, en Hij komt nog steeds. Naar jou. En de band tussen God en mens wordt gesmeed door liefde. Alleen de naastenliefde, dat wil zeggen, de wederkerige liefde en Gods barmhartigheid zijn het die verbinden.
Zoals een citaat zegt: “Wanneer de naastenliefde wordt verbannen en uitgeblust, wordt de band tussen de Heer en de mens verbroken. Alleen de naastenliefde of de liefde en de barmhartigheid zijn het, die verbinden.” — Hemelse Verborgenheden 379
God komt nog steeds – in Zijn Woord
God kwam destijds in het vlees, omdat iedere vonk van ware Godskennis dreigde te verstikken. Hij werd zichtbaar in het menselijke want het getuigenis van engelen, zieners en profeten werd verdraaid en mishandeld en het ware begrip ervan werd daarmee de nek omgedraaid (Matt. 21:33 e.v.). Dus werd Zijn oneindige liefde-levenskracht Zelf zichtbaar als mens.
Jezus zegt: “Er was weer zo’n punt bereikt dat, zonder Johannes en zonder Mij, in het hele joodse land iedere vonk van de ware Godskennis verstikt zou zijn, en daarom moest Ik Zelf als mens naar deze wereld komen om alle goedwillende mensen het verloren levenslicht terug te geven, en hun opnieuw de wegen naar de ware kennis van God te tonen.” — GJE6 149
Helaas dreigt dreigt ook nu weer iedere vonk van inzicht en begrip van Hem – de Bron van liefde – de levenskracht die Zich in liefde met de mensen wil verbinden – te worden verstikt.
Was destijds Zijn komst in het vlees, in deze tijd komt Hij in het naar waarheid begrepen Woord. Wie het Woord opneemt met begrip en met een hart dat naar Zijn liefde verlangt, ontvangt Hem. Wie de liefde naleeft, laat Hem in zich opwekken. Zo komt Hij nog steeds – niet lichamelijk, maar innerlijk, in inzicht, begrip en werkzaamheid – tot verbinding met de mens.
Of zoals Jezus het formuleert: “Bij Mijn tweede wederkomst zal Ik niet weer ergens als een kind uit een vrouw geboren worden; want dit lichaam blijft verheerlijkt, zoals Ik als geest in eeuwigheid en derhalve heb Ik nooit meer een tweede lichaam nodig.” — GJE 9, 94
De herschepping – nu, in jou
Zo is er voortdurend (her-)schepping. Wat verloren was, wordt teruggebracht. Wat gedoofd was, wordt opnieuw ontstoken.
Scheppen is geen verhaal over lang geleden. Het is, als je Hem in liefde navolgt, een verhaal over jou. Nu. Dan speelt die herschepping zich in jou af. Dan wordt wat verloren was in jou teruggebracht. Dan wordt wat gedoofd was in jou opnieuw ontstoken.
Noem het schepping of herschepping, geboorte of wedergeboorte, Zijn komst of wederkomst – steeds gaat het over hetzelfde: het leven van liefde dat in de mens terugkeert. In jou.
Innerlijk leven in jou
Het scheppingsverhaal is dus een verhaal over jou als je Hem in Zijn Woord opneemt en navolgt. Hij schiep de mens met een levend innerlijk – en Hij schept dat nog steeds. Hij openbaarde Zich – en Hij openbaart Zich nog steeds. Namelijk in jouw innerlijk leven als je Hem uit eigen initiatief liefhebt en navolgt.
Een citaat zegt: “Want het is een wet van de Orde, dat voor zoveel de mens tot God gaat en Hem nadert – hetgeen hij geheel als uit zichzelf moet doen – voor evenzoveel de Heer tot de mens gaat en hem nadert en in diens innerlijk Zich met hem verbindt.” — Ware Christelijke Religie 89
Het gaat er niet om of God Zich openbaart – dat doet Hij. Het gaat erom of jij je hart opent om Hem in wederliefde te ontvangen. Het gaat er niet om of de vonk van Zijn liefde in je is – die is er. Het gaat erom of je haar door liefde wilt wekken en voeden, zodat ze een vlam wordt. Het gaat er niet om of de schepping letterlijk heeft plaatsgevonden zoals beschreven. Het gaat erom of je in jou het innerlijk leven laat scheppen – hier en nu.
—
Voor deze week: Laat de schepping in jou gebeuren
Deze week: neem een moment van stilte en vraag je af: waar in mijn leven heb ik mij naar buiten gekeerd, naar bezit, macht, eer of mijzelf? En vraag dan: “Heer, help me de vonk van liefde voor U en mijn naaste in mij te laten opvlammen, opdat Uw licht en warmte in mij wonen”.
—
Volgende keer: Slot van seizoen 1 – terugblik op de reis
Vraag aan jou:
Herken je het verval in je eigen leven – het je afkeren van de innerlijke vonk en het je richten op uiterlijkheden?